Individuele ontwikkeling

"De dochter van mijn vriendin kan al tot twintig tellen."

"Mijn zoon praat nog niet zoveel als andere kinderen."

"Zou mijn kind niet wat verder moeten zijn?"

Bijna iedere ouder herkent zulke gedachten. Het is heel menselijk om je kind te vergelijken met leeftijdsgenootjes. Zeker tegenwoordig, waarin we dagelijks foto's, filmpjes en mijlpalen van andere kinderen voorbij zien komen, kan het soms voelen alsof ontwikkeling een wedstrijd is.

Maria Montessori keek daar heel anders naar.

Volgens haar volgt ieder kind zijn eigen ontwikkelingspad. Natuurlijk zijn er bepaalde fasen die veel kinderen doormaken, maar de route waarlangs zij zich ontwikkelen is nooit precies hetzelfde. Het ene kind loopt vroeg, het andere praat vroeg. Sommige kinderen kunnen zich al op jonge leeftijd lange tijd concentreren, terwijl anderen vooral leren door veel te bewegen. Dat zijn geen achterstanden of voorsprongen, maar verschillen tussen unieke kinderen.

 

Geen twee kinderen zijn hetzelfde

Wanneer je meerdere kinderen kent, zie je al snel hoeveel verschillen er zijn.

De één kijkt eerst lange tijd toe voordat hij iets nieuws probeert. De ander rent er juist zonder aarzelen op af. Sommige kinderen vinden het heerlijk om eindeloos dezelfde activiteit te herhalen, terwijl anderen steeds op zoek zijn naar iets nieuws.

Montessori zag deze verschillen niet als iets wat gecorrigeerd moest worden. Integendeel. Ze geloofde dat ieder kind een eigen manier heeft om de wereld te ontdekken en dat die verschillen gerespecteerd mogen worden.

Dat betekent ook dat ontwikkeling niet iedere dag hetzelfde verloopt. Op sommige dagen zit een kind vol energie en lijkt alles vanzelf te gaan. Op andere dagen is de concentratie korter of is er juist meer behoefte aan rust. Ook dat hoort bij een gezonde ontwikkeling.

 

Leren gebeurt niet voor iedereen op dezelfde manier

Misschien herken je het wel wanneer je twee kinderen dezelfde activiteit aanbiedt.

Het ene kind kijkt eerst aandachtig toe en probeert het daarna precies na te doen. Een ander kind wil meteen beginnen en ontdekt al doende hoe iets werkt. Weer een ander blijft net zo lang oefenen totdat het helemaal tevreden is.

Montessori moedigde volwassenen aan om juist naar die verschillen te kijken.

Sommige kinderen leren veel door te observeren. Ze lijken alles in zich op te nemen voordat ze zelf in beweging komen. Andere kinderen leren vooral door te voelen, te bewegen en te experimenteren. Weer anderen hebben behoefte aan veel herhaling voordat een nieuwe vaardigheid echt vertrouwd voelt.

Geen van deze manieren is beter dan de andere. Ze laten vooral zien dat ieder kind zijn eigen weg vindt om nieuwe kennis en vaardigheden op te bouwen.

 

Vergelijken helpt een kind niet groeien

Als ouder is het begrijpelijk dat je wilt weten of je kind zich goed ontwikkelt. Toch schuilt er een gevaar in voortdurend vergelijken.

Wanneer we vooral kijken naar wat andere kinderen al kunnen, zien we soms niet meer hoeveel vooruitgang ons eigen kind heeft gemaakt.

Misschien sprak je peuter drie maanden geleden nog losse woorden en voert hij nu complete gesprekjes. Misschien durfde hij eerst niet zelf van de glijbaan en klimt hij er nu vol vertrouwen op. Dat zijn ontwikkelingen die je alleen ziet wanneer je kijkt naar het kind dat voor je staat, in plaats van naar de kinderen eromheen.

Montessori richtte haar aandacht daarom niet op gemiddelden, maar op individuele groei. Niet de vraag "loopt mijn kind voor of achter?" stond centraal, maar "welke stap is mijn kind nu aan het zetten?"

 

Observeren in plaats van sturen

Een belangrijk onderdeel van Montessori is observeren.

Niet om een kind te beoordelen, maar om het beter te begrijpen.

Waar speelt je kind graag mee?

Wanneer zie je echte concentratie?

Welke activiteiten kiest het steeds opnieuw?

Waar wordt het enthousiast van?

Door zulke vragen te stellen, ontdek je waar je kind op dat moment behoefte aan heeft. Vervolgens kun je een omgeving creëren die daarbij aansluit.

Dat is iets anders dan bepalen wat een kind vandaag zou moeten leren. Je volgt de ontwikkeling in plaats van die te sturen.

 

Vertrouwen in het eigen tempo

Dat vraagt soms best wat vertrouwen.

Misschien zie je dat andere kinderen al met letters bezig zijn, terwijl jouw kind het liefst uren buiten speelt. Of misschien is jouw peuter vooral geïnteresseerd in helpen in de keuken, terwijl leeftijdsgenootjes graag puzzelen.

Volgens Montessori hoeft dat geen reden tot zorg te zijn.

Kinderen ontwikkelen zich niet allemaal volgens hetzelfde patroon. Zolang een kind nieuwsgierig blijft, nieuwe ervaringen opdoet en zich veilig voelt om te ontdekken, bouwt het voortdurend verder aan zijn ontwikkeling.

Juist doordat kinderen verschillende interesses hebben, ontwikkelen zij ook verschillende talenten.

 

Een omgeving die meegroeit

Wanneer ieder kind uniek is, betekent dat ook dat de omgeving niet voor ieder kind hetzelfde hoeft te zijn.

Een kind dat graag bouwt, heeft misschien behoefte aan uitdagende constructiematerialen. Een ander kind vindt juist rust in tekenen, lezen of verzorgen. Weer een ander wil het liefst helpen met koken of tuinieren.

Door goed te observeren ontdek je welke materialen en activiteiten aansluiten bij jouw kind. Dat betekent niet dat je steeds nieuw speelgoed hoeft te kopen. Vaak is het juist een kwestie van kleine aanpassingen, zodat de omgeving blijft aansluiten bij de ontwikkeling die je op dat moment ziet.

 

Kijk naar het kind dat voor je staat

Misschien is dat wel de belangrijkste les die Maria Montessori ons meegeeft.

Een kind is geen lijstje met mijlpalen dat zo snel mogelijk moet worden afgevinkt. Het is een uniek mens dat zich iedere dag verder ontwikkelt, op een manier die past bij zijn eigen karakter, interesses en mogelijkheden.

Wanneer we stoppen met voortdurend vergelijken en beginnen met echt kijken, ontdekken we hoeveel ontwikkeling er eigenlijk al plaatsvindt.

Niet omdat ieder kind hetzelfde doet, maar juist omdat ieder kind zijn eigen weg mag volgen.

En misschien is dat wel het mooiste cadeau dat we een kind kunnen geven: het vertrouwen dat het niet iemand anders hoeft te worden, maar alle ruimte krijgt om zichzelf te ontwikkelen.


Terug naar blog